Zoeken

Informatiegids

Adressen

Algemene adresgegevens van de locaties, college van bestuur, centrale diensten en inspectie van het onderwijs.

(Hoofd)Locatie Amersfoort

Bezoekadres: Utrechtseweg 230, 3818 ET Amersfoort
Postadres: Postbus 875, 3800 AW Amersfoort
T: 085 483 80 00
E: info@hoornbeeck.nl
Vakantierooster en lestijden Amersfoort, klik hier
Ziekmeldingen studenten Amersfoort, T: 033 468 08 25
 

Locatie Apeldoorn

Bezoekadres: Musschenbroekstraat 11, 7316 JD Apeldoorn
Postadres: Postbus 4328, 7320 AH Apeldoorn
T: 085 483 80 01
E: apeldoorn@hoornbeeck.nl
Vakantierooster en lestijden Apeldoorn, klik hier

 

Locatie Goes

Bezoek- en postadres 1: Van Dusseldorpstraat 45, 4461 LT Goes
Bezoekadres 2: Lijnbaan 14, 4461 HK Goes
T: 085 483 80 02
E: goes@hoornbeeck.nl
Vakantierooster en lestijden Goes, klik hier

 

Locatie Gouda

Bezoek- en postadres: Rijsselseweg 1, 2803 PZ Gouda
T: 085 483 80 03
E: gouda@hoornbeeck.nl

Vakantierooster en lestijden Gouda, klik hier

 

Locatie Kampen

Bezoekadres: Willem Hendrik Zwartallee 1, 8265 TZ Kampen
Postadres: Postbus 313, 8260 AH Kampen
T: 085 483 80 04
E: kampen@hoornbeeck.nl
Vakantierooster en lestijden Kampen, klik hier


Locatie Rotterdam

Bezoekadres: Carnissesingel 210, 3084 NA Rotterdam
Postadres: Postbus 55437, 3008 EK Rotterdam
T: 085 483 80 05
E: rotterdam@hoornbeeck.nl
Vakantierooster en lestijden Rotterdam, klik hier


College van Bestuur

Bezoekadres: Utrechtseweg 226, 3818 ET Amersfoort
Postadres: Postbus 405, 3800 AK Amersfoort
T: 085 483 81 52 / 085 483 81 53
E: secretariaatcvb@sorg.nl


Centrale Diensten

Bezoekadres: Utrechtseweg 226, 3818 ET Amersfoort
Postadres: Postbus 706, 3800 AS Amersfoort
T: 085 483 80 00

Inspectie van het Onderwijs

Naam: Rijksinspectiekantoor Utrecht
Contactmedewerker: de heer M. Bénard
Postadres: Postbus 2730, 3500 GS Utrecht
T: 088 669 60 00
Meldnummer vertrouwensinspectie: 0900 111 31 11
Vragen over het onderwijs: 0800 8051
Website inspectie: www.onderwijsinspectie.nl
Lees meer >>

Johannes Hoornbeeck (1617-1666)

Op de gevels van de zes locaties van onze school staat de naam Hoornbeeck College. Onze school is dus genoemd naar Johannes Hoornbeeck. Met die naam treden we naar buiten. Dat betekent ook dat die naam iets zegt over het karakter en de identiteit van de school. Waarom is onze school naar deze theoloog genoemd?

Twee kenmerken

Johannes Hoornbeeck leefde in de zeventiende eeuw. Deze eeuw wordt ook wel genoemd de Gouden Eeuw. Het was een tijd van welvaart. Die welvaart was ook merkbaar in geestelijk, godsdienstig en kerkelijk opzicht. In die tijd kwam ook de Nadere Reformatie tot bloei. Voor die stroming in het Nederlandse protestantisme was kenmerkend de verbinding tussen de gereformeerde leer, zoals die was vastgelegd op de Dordtse Synode die in 1618 / 1619 werd gehouden, en het dagelijkse leven. Vanuit die invalshoek richtten vertegenwoordigers van deze stroming hun aandacht op met name twee facetten van het leven.

Ook dominee Hoornbeeck hoorde bij de Nadere Reformatie. Evenals zijn geestverwanten beleed hij op grond van de Bijbel dat ieder mens zondaar is. Alle mensen zijn in zonden ontvangen en geboren. Niemand kan door eigen inspanningen van die zonden verlost worden. Dat kan wel door het reinigende zondevergevende bloed van Gods Zoon Jezus Christus. Daarom legde hij sterk de nadruk op de noodzaak en de mogelijkheid van wedergeboorte en bekering als vrucht van het door God geschonken geloof.

In de tweede plaats beklemtoonde Hoornbeeck dat er eenheid moet zijn tussen leer en leven. In het dagelijkse leven, in het beroep, in de omgang met anderen en in welke samenlevingsverbanden dan ook, moet naar voren komen dat het belijden van de Bijbelse leer overeenkomt met de manier van leven. Die verbinding is van groot belang. De manier waarop een mens leeft, is niet vrijblijvend. Omdat ieder mens een schepsel is, heeft iedereen te maken met de Schepper, met God Zelf. Hij geeft in Zijn Woord richtlijnen voor het leven. Het is de plicht van alle mensen om te leven tot Zijn eer en tot heil van de medemens.

Hoornbeeck heeft over die twee belangrijke aspecten van het leven veel gesproken en geschreven. Hij stelde, en dat is vooral belangrijk, ook de samenhang tussen die twee centraal. Op grond van de Bijbel wist hij heel goed dat een mens pas een leven kan leiden dat voor Gods aangezicht waardevol is, als hij of zij wedergeboren is. Daarom wees hij met zoveel nadruk op de noodzaak van de wedergeboorte als vrucht van Gods genade.

Een godvruchtig leven betekent een welgetroost sterven. Dat was bij dominee Hoornbeeck het geval. Zijn hele leven was in feite een voorbereiding op het sterven. Daarom was hij bereid om heen te gaan en eeuwig bij Zijn Koning te zijn en Hem groot te maken. In zijn leven had hij over het sterven in de Heere een boek geschreven, getiteld Euthanasia, oftewel [dit betekent:] goed sterven.

Onderwijs op het Hoornbeeck College

Op onze school willen we in de lijn van de opvattingen van Hoornbeeck jonge mensen onderwijs geven en een bijdrage leveren aan hun toerusting en vorming. De twee genoemde kenmerken, de oproep tot persoonlijke bekering en de voorbereiding om op een Bijbels verantwoorde wijze de plaats in de samenleving in te nemen, nemen in het onderwijs op het Hoornbeeck College een centrale plaats in. De missie en het bestaansrecht van de school zijn verbonden met en geworteld in de Bijbelse visie op mens en samenleving, zoals die door onder meer Hoornbeeck is verwoord.

Lees meer >>

Identiteit

Grondslag van de school

De school die uitgaat van de stichting belijdt dat de Bijbel het onfeilbare Woord van God is. Als zodanig acht zij zich onvoorwaardelijk aan dit Woord verbonden. Dit Woord is de norm in ons leven. Die norm geldt ook voor het onderwijs en de opvoeding van de jongeren en voor het functioneren en besturen van het Hoornbeeck College.

In de statuten van de stichting zijn de volgende artikelen opgenomen met betrekking tot de grondslag en het doel:

Artikel 2

1. De grondslag van de stichting is Gods Woord, zoals dit wordt beleden in de Drie Formulieren van Enigheid, zoals deze zijn vastgesteld in de Nationale Synode, gehouden te Dordrecht in de jaren zestienhonderdachttien/ zestienhonderdnegentien, met handhaving van de Statenvertaling.

2. De stichting onderschrijft onvoorwaardelijk en geheel de Heilige Schrift als het onfeilbaar Woord van God alsmede de daarop gegronde Drie Formulieren van Enigheid.

3. Zij handhaaft het gebruik van de Statenvertaling als de getrouwe overzetting van de Heilige Schrift uit de oorspronkelijke talen, zoals deze tot stand gekomen is volgens het besluit van de in lid 1 genoemde synode.

4. Alle handelingen en uitspraken van de stichting zullen in overeenstemming met de grondslag moeten zijn en het beoogde onderwijs zal met inachtneming daarvan moeten worden gegeven.

Artikel 3

1. De stichting stelt zich ten doel het verstrekken van voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het Voortgezet Onderwijs overeenkomstig de in artikel 2 genoemde grondslag. De stichting stelt zich voorts ten doel het verstrekken van middelbaar beroepsonderwijs in de zin van de Wet educatie en beroepsonderwijs, of andere vormen van onderwijs, overeenkomstig de in artikel 2 genoemde grondslag.

Kader

Uit de grondslag van de stichting vloeit onder andere voort dat:

• In elke klas de dag begonnen wordt met het lezen van een gedeelte uit de Bijbel, gebed en het gezamenlijk - niet ritmisch - zingen van een psalmvers. De schooldag wordt beëindigd met dankgebed. Hierbij worden de Statenvertaling (1657) en de psalmberijming van 1773 gebruikt.

• Alle studenten in principe twee lesuren per week godsdienstonderwijs ontvangen. Zij worden tijdens deze lessen onderwezen in de Bijbel en de Drie Formulieren van Enigheid.

Identiteit en levensstijl

Het reformatorische onderwijs normeert zich aan Gods Woord en de daarop gegronde belijdenis geschriften. Onderwijs heeft als doel kennis over te dragen aan studenten en hen vaardigheden bij te brengen. Tijdens en rondom dit onderwijsleerproces heeft de school tevens tot taak mee te werken aan de vorming en opvoeding van jongeren. De school doet dit in het besef dat vorming en opvoeding primair verantwoordelijkheden zijn van de ouders. Zij beloofden dit immers bij de Doop. De ouderlijke verantwoordelijkheid is voor wat betreft het doen onderwijzen voor een deel aan de school opgedragen.

Gods Woord leert ons dat wij ons leven en werken in dienst hebben te stellen van God en onze naaste. Volgens deze opdracht moeten niet alleen de studenten op deze dingen gewezen worden, maar ook geholpen worden - naar beste kunnen en in afhankelijkheid van Gods zegen - in die zin hun gaven en talenten te leren gebruiken. Bij dit alles zal er de nadruk op moeten worden gelegd dat alleen Gods genade de weg opent tot wezenlijke aanvaarding van de eisen van Gods Woord. Bovendien is het een kerntaak van alle personeelsleden om studenten met ernst en liefde te wijzen op de noodzaak en mogelijkheid van waarachtige wedergeboorte en bekering, die - als deze gewerkt worden door de Heilige Geest - leiden tot persoonlijk geloof in Jezus Christus.

Communicatie (formeel en informeel) met ouders is van groot belang voor het in stand houden van de gezamenlijke betrokkenheid op identiteitsgebonden onderwijs, waarbij het gezin en de school ieder een eigen verantwoordelijkheid hebben.

Een belangrijke voorwaarde voor de toelating tot de school is dat ouder(s) de doelstellingen en uitgangspunten van de school van harte onderschrijven. Dit houdt ook in dat zij er, mét de school, op toezien dat de studenten zich houden aan de bepalingen in de identiteitsverklaring, deze informatiegids en het studentenstatuut.

Missie

Het Hoornbeeck College ziet het als zijn opdracht, in afhankelijkheid van Gods zegen en in verbondenheid aan Gods Woord, eigentijds onderwijs aan te bieden dat gericht is op de totale ontwikkeling van de studenten. We hanteren daarbij een drieluik van onderwijs, toerusting en vorming. Dit vindt plaats in het licht van wat de Bijbel en de daarop gebaseerde reformatorische belijdenisgeschriften ons leren over mens en samenleving en over de zin en het doel van ons leven en werken.

De ontwikkeling naar brede beroepsgerichte competenties in een contextrijke leeromgeving, gericht op (duurzame) kennis, vaardigheden en de juiste beroepshouding, zal onze studenten nog beter in staat stellen in een breed beroepenveld blijvend werkzaam te zijn. Het leren steeds meer verantwoordelijkheid te dragen voor de eigen loopbaanontwikkeling vormt hiervan een belangrijk onderdeel. We willen daarbij ook een bijdrage leveren aan een brede persoonlijke en maatschappelijke vorming van onze studenten, zodat ze in staat zijn op een verantwoorde wijze te participeren in de samenleving.

De betrokkenheid van personeelsleden, studenten en hun ouders is van groot belang voor de instandhouding en versterking van ons identiteitsgebonden onderwijs.

Visie

Het Hoornbeeck College ziet het als zijn opdracht de in de Bijbel geopenbaarde waarheden over te dragen en onderwijs aan te bieden dat gericht is op de totale ontwikkeling van de studenten. We doen dit vanuit de eenheid van gezin, kerk en school en in afhankelijkheid van de zegen des Heeren. We bereiden studenten voor op hun plaats in de samenleving. Onderwijs en vorming moeten aansluiten bij de hun geschonken gaven en talenten van hoofd, hart en handen. De student kan als beelddrager van God worden aangesproken op al deze gaven.

Het pedagogische klimaat wordt beheerst door Bijbelse gezagsrelaties op basis van liefde en respect voor de ander en wordt gekenmerkt door zorgvuldige begeleiding van studenten. De persoonlijke vorming en toerusting is een belangrijk aspect in de wapening van studenten voor hun toekomstig functioneren in gezin, kerk en maatschappij.

De realisering van identiteitsgebonden middelbaar beroepsonderwijs staat of valt met de wijze waarop medewerkers daaraan vorm en inhoud geven. Het benoemingsbeleid en het proces van toerusting door voortdurende scholing zijn erop gericht dat het personeel zich de benodigde kennis en vaardigheden eigen maakt om aan deze opdracht gestalte te geven. Het bevorderen van betrokkenheid van personeelsleden, ouders en studenten is van groot belang voor de instandhouding en versterking van de gezamenlijke betrokkenheid op identiteitsgebonden vorming en onderwijs. Bij de benoeming van personeelsleden en de toelating van studenten wordt dan ook grote waarde gehecht aan een op de Bijbel gefundeerde eenheid van levensovertuiging en levensstijl.

Toelating van studenten

Klik hier voor meer informatie over het toelatingsbeleid.

Intake

Voor de zomervakantie vindt er een intakegesprek plaats. Dit gebeurt aan de hand van het vooraf ingevulde aanmeldingsformulier en, indien aanwezig, het portfolio van de student. Het intakegesprek is in eerste instantie gericht op een goede begeleiding van de student tijdens de opleiding. Daarnaast wordt tijdens de intake beoordeeld of de keuze voor de opleiding verantwoord is. Aanmelding staat uiteraard los van een eventuele toelating.

Inschrijving van studenten

Nadat de toelatingscommissie een positief besluit heeft genomen over de toelating en het intakegesprek een bevredigend verloop heeft gehad, wordt de student en zijn ouders een onderwijsovereenkomst voorgelegd, die zowel door hen als door het Hoornbeeck College moet worden onder tekend. In de onderwijsovereenkomst zijn de wederzijdse rechten en plichten van de instelling en de student vastgelegd. Na ondertekening en terugontvangst van de onderwijsovereenkomst is de inschrijving defi nitief onder de ontbindende voorwaarde dat blijkt dat de kandidaat-student ook voldoet aan de vooropleidingseisen voor de door hem gekozen opleiding.

Benoemingsbeleid

Klik hier voor meer informatie over het benoemingsbeleid.

Opening cursusjaar

Elk cursusjaar van het Hoornbeeck College wordt geopend met een bijeenkomst, waarin bestuursleden, personeel en studenten de Heere Zijn zegen vragen over het onderwijs. Het bijwonen van deze bijeenkomst is voor de studenten verplicht. Gelet op de band tussen school en gezin wordt het bijzonder op prijs gesteld dat ook de ouders van onze studenten deze bijeenkomst bijwonen. Als gevolg van de landelijke spreiding van de uitvoeringslocaties kan de datum van de openingsbijeenkomst per locatie verschillen. Studenten en hun ouders ontvangen nader bericht over de voor hen geldende plaats en tijd van de openingsbijeenkomst. Na afloop van de openingsbijeenkomst ontvangen de studenten voor hen belangrijke informatie voor de introductie, klassenindeling, et cetera.

Lees meer >>

Bestuurlijke organisatie

Hoe de school wordt bestuurd

Onze school is geworteld in de gemeenschap van ouders* en kerken die willen dat er onderwijs geboden wordt dat gegrond is op Gods Woord en de belijdenisgeschriften. Op onze school wordt niet alleen onderwijs gegeven, maar wordt ook een bijdrage geleverd aan de vorming van jonge mensen. Onderwijs en vorming moeten voldoen aan velerlei eisen van de overheid, maar ook aan de voorwaarden die we zelf stellen, met name ten aanzien van de identiteit.

* overal waar gesproken wordt over ouder(s) kan in voorkomende gevallen ook verzorger(s) worden gelezen.

De eindverantwoordelijkheid (het bevoegd gezag) voor de school ligt bij het College van Bestuur. Dit college bestuurt twee scholen, te weten het Hoornbeeck College en het Van Lodenstein College. Iedere school heeft een eigen directie. Om scheiding te maken tussen bestuur en toezicht is een Raad van Toezicht ingesteld. De identiteit van de scholen wordt mede geborgd door een Identiteitsraad die door de algemene ledenvergadering van de schoolvereniging wordt gekozen. Ouders van wie de kinderen een van de scholen bezoeken, kunnen lid worden van deze vereniging (de VVORG = Vereniging Voor Onderwijs op Reformatorische Grondslag), zie tekst 'Lidmaatschap van de schoolvereniging VVORG'.

College van Bestuur

Het College van Bestuur is het bevoegd gezag voor het Hoornbeeck College.
Dit College van Bestuur bestaat uit twee leden, klik hier (login nodig).
 

Juridische structuur

De twee scholen zijn met het College van Bestuur en de Raad van Toezicht ondergebracht in de Stichting voor onderwijs op reformatorische grondslag (SORG).

Raad van Toezicht

De Raad van Toezicht oefent toezicht uit op de scholen en het College van Bestuur en benoemt de leden van dit college. De Raad van Toezicht bestaat uit de volgende personen, klik hier (login nodig).

Identiteitsraad

De Vereniging voor onderwijs op reformatorische grondslag is opgericht door ouders en kerkenraden die op grond van de doopbelofte de noodzaak van reformatorisch onderwijs voelden. Hun activiteiten hebben geleid tot de oprichting van het Hoornbeeck College en het Van Lodenstein College. De vereniging vormt een belangrijke verbinding tussen ouders en kerkenraden enerzijds en de scholen anderzijds. Het College van Bestuur is als bevoegd gezag belast met het besturen van de scholen. Het bestuur van de VVORG is de Identiteitsraad. De Identiteitsraad heeft een beslissende zeggenschap ten aanzien van de borging van identiteit. Deze komt tot uiting in onder meer de directe betrokkenheid bij identiteitsgebonden aspecten zoals het toelatings- en benoemingsbeleid. Tevens vindt benoeming van leden van de Raad van Toezicht plaats door de algemene ledenvergadering van de schoolvereniging op voordracht van de Identiteitsraad.

Bij 'Lidmaatschap van de schoolvereniging VVORG' is aangegeven hoe het lidmaatschap van de vereniging kan worden verkregen.

De Identiteitsraad

De Identiteitsraad bestaat uit de volgende personen, klik hier (login nodig).

Lees meer >>

Onderwijsbeleid

'Onderwijs met een plus' is het vastgestelde strategisch meerjarenplan 2015-2020, het Hoornbeeck-onderwijs richting 2020.

Samen met studenten, medewerkers en externen heeft  het Hoornbeeck College het afgelopen cursusjaar gewerkt aan een nieuw strategisch meerjarenplan. Onder de titel ‘Onderwijs met een plus’ is dit plan gepubliceerd in een  brochure die in vier hoofdlijnen beschrijft welke doelen de school in de  periode 2015 – 2020 wil bereiken. Om de brochure te ondersteunen is een korte introductie­ lm gemaakt met studenten en docenten. Zowel het ­filmpje als de brochure zijn te bekijken op www.hoornbeeck2020.nl.

Onderwijs met…
Het strategisch meerjarenplan is volledig gefocust op het onderwijs. De doelen zijn uitgewerkt aan de hand van vier thema’s:
1. Onderwijs met perspectief laat zien hoe we de identiteit van onze school laten doorklinken in alle facetten van het onderwijs.
2. Onderwijs met een plus geeft aan hoe we onze studenten helpen om de lat op de juiste hoogte te leggen.
3. Onderwijs dat werkt toont hoe we studenten leren om zelfstandig keuzes te maken en verantwoordelijkheid te nemen in hun toekomstige beroep en de maatschappij.
4. Onderwijs dat verbindt legt de verbinding tussen het Hoornbeeck en de beroepspraktijk: de inhoud van de praktijk is zichtbaar in de les.
 
Betrokkenheid
Bij het opstellen van ‘Onderwijs met een plus’ zijn studenten, medewerkers en externen betrokken. Vooraf konden zij hun droom voor het Hoornbeeck indienen: ‘Hoe ziet jouw Hoornbeeck eruit in 2020?’. Uit de tientallen enthousiaste reacties bleek wel hoe betrokken ‘Hoornbeeckers’ zijn. De dromen zijn samen met een aantal studenten en medewerkers verder uitgewerkt tot het plan dat nu gepubliceerd is.
Lees meer >>

Schoolkosten

1. Algemeen

Het volgen van een studie brengt kosten met zich mee. We onderscheiden vier soorten van schoolkosten.

1. Wettelijk geregelde bijdragen, te betalen door de student (of zijn ouders). Dit is het wettelijk geregelde les- of cursusgeld, dat elke student verplicht is te betalen. Deze schoolkosten worden door de overheid geïnd.

2. Opleidingsgebonden schoolkosten, te betalen door de school. Dit zijn opleidingskosten waarvoor de scholen bekostiging ontvangen van het ministerie OCW en waar een student standaard recht op heeft bij het volgen en afronden van een opleiding.

3. Opleidingsgebonden leermiddelen, die de student zelf aanschaft. Dit zijn leermiddelen, instrumenten en gereedschappen, die de student zelf aanschaft om de opleiding te kunnen volgen en die daarna eigendom blijven van de student of die de student in bruikleen heeft. Deze worden vermeld op een leermiddelenlijst. De student is niet verplicht deze leermiddelen bij de school in te kopen, maar wordt wel geacht bij de start van de opleiding deze in bezit te hebben. Zie verder paragraaf 2.

4. Niet-opleidingsgebonden schoolkosten, vrijwillig te betalen door de student. Het gaat om kosten van extra voorzieningen, faciliteiten of activiteiten, die niet essentieel zijn voor het volgen en afronden van een opleiding. De student heeft een vrije keuze of hij deze zaken wil afnemen en betalen. Als hij besluit dat niet te doen, heeft hij geen recht om gebruik te maken van deze extra voorzieningen, faciliteiten of activiteiten, maar dat heeft geen gevolgen voor het volgen en afronden van zijn opleiding. Zie verder paragraaf 3.

2 Opleidingsgebonden leermiddelen

2.1 Boeken en leermiddelen

In juni ontvangen de studenten een bestelcode waarmee via de website van de boekhandel te raadplegen is welke boeken en leermiddelen verplicht moeten worden aangeschaft. Deze boeken dienen door de student zelf te worden besteld bij de boekhandel. Indien de bestelling wordt gedaan bij de op de boekenlijst aangegeven boekhandel, dan vindt de levering van alle bestelde boeken naar uw woning plaats aan het begin van het cursusjaar. Het kan voorkomen dat boeken en/of leermiddelen niet via de boekhandel zijn te verkrijgen of dat een zekere uniformiteit in kwaliteit of uitvoering is vereist. In dat geval worden deze door de school verstrekt en in rekening gebracht. Hetzelfde geldt voor studiemateriaal.

2.2 ECDL en de kosten voor examens

Bij elke opleiding aan het Hoornbeeck College nemen de studenten verplicht of vrijwillig deel aan examens voor het Europese Computerrijbewijs (ECDL). De mogelijkheid bestaat om het Start-diploma (vier modulen) of het volledige diploma (zeven modulen) te behalen. Hier volgen enige regels over het aantal examens die de student op kosten van de school mag afleggen.

• Tijdens de gehele schoolperiode krijgt de student slechts één keer voor rekening van de school een modulekaart uitgereikt, die nodig is voor het afl eggen van de examens.

• Als de opleiding het Start-diploma verplicht stelt, krijgt de student zes examenkansen voor rekening van de school.

• Als de opleiding het volledige diploma verplicht stelt, krijgt de student tien examenkansen voor rekening van de school. Voor elk afgelegd examen boven het gestelde aantal (zes of tien), zal een bijdrage van €10 worden doorberekend aan de student.

De facturering vindt plaats op het moment dat er naar verwachting door studenten uit een klas geen examens meer zullen worden afgelegd. Indien nodig kan er ook tussentijds gefactureerd worden.

Enkele aanvullende regels:

• Elke student van een opleiding waarvoor het Start-diploma verplicht is, mag vrijwillig doorgaan tot het behalen van het volledige diploma. Pas als hij het volledige diploma heeft behaald, is de vrijstelling van tien examenkansen van toepassing.

• Bij wisseling van een opleiding waarvoor het Start-diploma verplicht is, naar een opleiding waarvoor het volledige diploma wordt gevraagd, krijgt de student tien examenkansen voor rekening van de school.

• Bij wisseling van een opleiding waarvoor het volledige diploma verplicht is, naar een opleiding waarvoor het Start-diploma wordt gevraagd, krijgt de student tien examenkansen voor rekening van de school. Dit aantal van tien gratis examenkansen geldt alleen als de student tenminste één jaar in de klas heeft gezeten waarvoor het volledige diploma wordt geëist; anders geldt het aantal van zes gratis examenkansen.

3 Niet-opleidingsgebonden schoolkosten

3.1 Buitenlandse stages, werkweken en excursies

Onder bepaalde voorwaarden worden studenten in de gelegenheid gesteld kennis te maken met het beroepenveld. Dat kan zijn in het buitenland door middel van een stage, of door bedrijfsbezoeken gedurende een werkweek of een excursie in buiten- of binnenland. De buitenlandse stages, werkweken en excursies zijn niet noodzakelijk om de opleiding te volgen en het diploma te behalen. Daarom zijn de kosten van deze stage of werkweek/excursie voor rekening van de student. Indien een student voor deze schoolkosten niet betaalt, kan er van deze faciliteit geen gebruik worden gemaakt en wordt de student in die tijd op school verwacht. Voor het volgen van een buitenlandse stage kan er een aanvraag worden gedaan voor tegemoetkoming in de kosten vanuit het bpv-fonds (zie paragraaf 5.2).

4 Afwikkeling financiële verplichtingen

Voor te betalen bedragen wordt door de Centrale Diensten van het Hoornbeeck College een factuur toegezonden met een betalingstermijn van dertig dagen. Indien wegens niet tijdige betaling een incassogemachtigde moet worden ingeschakeld, komen alle hieraan verbonden kosten, zowel gerechtelijke als buitengerechtelijke, voor rekening van de debiteur.

5 Regelingen voor tegemoetkoming in schoolkosten

5.1 Wettelijke regelingen

Voor de schoolkosten is onder voorwaarden een bijdrage mogelijk vanuit de compenserende regelingen voor de studenten via de tegemoetkoming in onderwijsbijdragen en schoolkosten (WTOS) en de studiefinanciering (WSF). Een aanvraag hiervoor kan worden ingediend via de website van de Dienst Uitvoering Onderwijs (www.duo.nl).

5.2 Tegemoetkoming vanuit BPV-fonds

In de loop van de studie zal de student een - van de gekozen opleiding afhankelijk - aantal weken of maanden beroepspraktijkvorming (ook wel stage genoemd) volgen bij een instelling of bedrijf. Deze praktijkvorming is voor alle sectoren een integrerend en kwalificerend onderdeel van de totale beroepsopleiding. Op grond van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs kan het onderwijs in de praktijk van het beroep slechts plaats hebben op grond van een overeenkomst tussen de onderwijsinstelling, de student en het bedrijf of de organisatie die de beroepspraktijkvorming verzorgt. Voor opleidingen in de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) is bovendien de ondertekening door het betreffende Kenniscentrum Beroepsonderwijs Bedrijfsleven vereist. Het Hoornbeeck College zal zorgdragen voor de tot standkoming van een dergelijke praktijkovereenkomst.

Een belangrijk deel van alle opleidingen binnen het Hoornbeeck College vindt plaats tijdens de beroepspraktijkvorming (bpv). Ongeveer 30% van de opleidingstijd wordt doorgebracht in een bedrijf of organisatie, terwijl dit bij de BBL-opleidingen ongeveer 60% is. Het komt voor dat studenten en hun ouders hoge extra kosten moeten maken om deze bpv te kunnen realiseren. Hierin wil het bpv-fonds in een aantal gevallen voor een deel voorzien. Onder deze regeling valt ook een eventuele stage in het buitenland. Voor de aanvang van de eerste bpv-periode ontvangen de stagiairs een toelichting met een aanvraagformulier voor een tegemoetkoming uit het bpv-fonds.

5.3 Tegemoetkoming in de reis- en studiekosten door de VVORG

Het bestuur van de schoolvereniging (VVORG) heeft een regeling getroffen om ouders tegemoet te komen in de reis- en studiekosten van hun kinderen. Deze tegemoetkoming in de reis- en studiekosten is bedoeld voor gezinnen met een beperkt inkomen en als per kind de reiskosten onevenredig hoog zijn. De regeling geldt voor alle locaties en sectoren van onze school. Voor meer informatie over deze regeling, klik hier.

Deze regeling wordt mogelijk gemaakt door de Stichting Steunfonds Hoornbeeck College.

6 Vrijwillige ouderbijdrage

Naast de vergoedingen door de overheid en de eventueel aan de student in rekening gebrachte specififieke kosten, kennen vele instellingen nog een vrijwillige bijdrage in niet-subsidiabele kosten (veelal ‘ouderbijdrage’ genoemd, zie paragraaf 1, punt 4). Ook onze school kent zulke kosten, die vaak direct verband houden met of het indirecte gevolg zijn van de bijzondere eisen die onze identiteit aan het onderwijs stelt (o.a. in de vakken burgerschap en godsdienst). Die kosten liggen op het vlak van noodzakelijke extra voorzieningen en activiteiten; de realisatie ervan is sterk afhankelijk van de beschikbare middelen. Ouderbijdragen vormen voor het Hoornbeeck College een bron van inkomsten, waaruit zulke extra’s kunnen worden bekostigd. Het vertrouwt er daarbij op, dat ouders van onze studenten, die daartoe in staat zijn (gesteld!), zich hun roeping bewust zijn om werkelijk reformatorisch onderwijs ook fififi nancieel mede mogelijk te maken. Het is in dat vertrouwen nooit teleurgesteld: het overgrote deel van de ouders maakte in voorgaande jaren een vrijwillige bijdrage over; de één meer, de ander minder, maar toch gemiddeld € 35,- per gezin. In de loop van het cursusjaar wordt u door middel van een speciale brief om een bijdrage gevraagd.

Lees meer >>

De student en de studie

Studiebegeleiding

Onder studiebegeleiding worden verstaan de activiteiten, die tot doel hebben de studenten te ondersteunen in het proces van beginnend student tot gediplomeerd beroepsbeoefenaar.

Bij de studiebegeleiding vervullen diverse personen binnen het Hoornbeeck College een functie:

1. De docent heeft als eerste taak het geven van onderwijs. Hij is dan ook de eerst aangewezen persoon om studenten, die problemen hebben met het door hem gegeven opleidingsonderdeel, bij te staan. Daarbij kan gedacht worden aan herhaling van de leerstof, extra oefenstof, het aanleren van (vakgerichte) studievaardigheden en - zo nodig - het geven van bijlessen (remedial teaching).

2. De studieloopbaanbegeleider/mentor is een docent, aan wie - naast het geven van onderwijs - tevens de bijzondere zorg voor een groep studenten is toevertrouwd. Hij/zij stelt zich zoveel als nodig op de hoogte van de persoonlijke  omstandigheden van elke student waar hij studieloopbaanbegeleider/mentor van is. Zijn taak is de studenten te stimuleren en te motiveren en zo nodig te corrigeren. Bij hem kan de student terecht met vragen en problemen op het gebied van de studie in het algemeen, de beroepskeuze of sociale vaardigheden (waarbij hij eventueel doorverwijst naar de decanen, SOVA-trainers of begeleiders op gebied van beperkingen of (psychosociale) problemen). De studieloopbaanbegeleider/mentor onderhoudt de contacten met de ouders en is voor hen het eerste aanspreekpunt.

3. De decanen zijn belast met de begeleiding van de student bij de keuze van een eventuele vervolgopleiding en het verstrekken van het juiste voorlichtingsmateriaal daaromtrent. In voorkomende gevallen kan daarbij een beroep worden gedaan op een bureau voor studie- en beroepskeuze.

4. De opleidingsmanager bewaakt de goede gang van zaken binnen de hem toegewezen opleidingen. Hij voert regelmatig overleg met de studieloopbaanbegeleiders/mentoren. De opleidingsmanager heeft de eindverantwoordelijkheid voor de studentenbesprekingen, waarin de resultaten van de individuele student worden besproken en eventuele adviezen worden geformuleerd ten aanzien van het vervolg van de studie.

Zorgteam / Studentenvoorzieningen

Naast de reguliere begeleiding is er op alle locaties een zorgteam met de volgende studentenvoorzieningen:

• Begeleiding bij problemen in studie of persoonlijke situatie (Studenten Zorg Team);
• Begeleiding bij persoonlijke, maatschappelijke en of huiselijke problemen (Schoolmaatschappelijk Werk);
• Begeleiding voor studenten met een (functie)beperking en/of chronische ziekte (Steunpunt Studie en Handicap). Hierbij kan men denken aan een visuele, auditieve, motorische of psychische beperking, aan reken-, lees-, spelling- en/of leerproblemen, chronische ziekte en/of een neurologische aandoening;
• Trainingen sociale vaardigheden (SoVa-training)/Beter omgaan met Faalangst (BOF-training). Aan studenten met een (functie)beperking en/of chronische ziekte kunnen specififi eke SoVa-trainingen gegeven worden, waarin sociale vaardigheden, acceptatie van de handicap, beperking of ziekte en solliciteren centraal staan.

Aanmelding

Als studenten hun problemen willen bespreken kunnen zij de hulp inroepen van een begeleider van het zorgteam en/of de schoolmaatschappelijk werker. Dit kan zowel rechtstreeks als via de studieloopbaanbegeleider. Een van de begeleiders van het zorgteam of de schoolmaatschappelijk werker zal dan een gesprek voeren. In dit gesprek wordt een inschatting gemaakt van de problematiek en wordt er een begeleidingsadvies gegeven.

Begeleiding

Na dit eerste gesprek kan er in overleg met de student een begeleidings- of handelingsplan worden gemaakt, waarin ook eventuele aanpassingen en voorzieningen kunnen worden vastgelegd. De begeleiders kunnen (als daar aanleiding toe is) ook adviseren tot inschakeling van externe instellingen. Studenten die in aanmerking komen voor leerlinggebonden financiering (LGF) kunnen rekenen op extra begeleiding / faciliteiten. In het omgaan met vertrouwelijke gegevens wordt uitgegaan van de Wet op Bescherming Persoonsgegevens.

Zorg Advies Team (ZAT)

Bij complexere problematiek kan het ZAT worden ingeschakeld. In het ZAT zitten meerdere deskundigen bij elkaar om gericht advies te geven en te zorgen voor een sluitend zorgaanbod. De aanmelding bij het ZAT verloopt via het Zorgteam.

Protocol (huiselijk) geweld

Om zorgvuldig om te gaan met signalen van huiselijk geweld, jongerenmishandeling, verwaarlozing, seksueel misbruik en loverboyproblematiek, werkt het Hoornbeeck College met een protocol. Inzage hierin en een eventueel gesprek hierover zijn mogelijk via de Zorgcoördinator of de Staffunctionaris Studentenvoorzieningen.

Coördinatie

De studentenvoorzieningen worden op elke locatie gecoördineerd door een of twee zorgcoördinatoren. Hoornbeeckbreed vindt er coördinatie plaats door de Staffunctionaris Studentenvoorzieningen.

Vertrouwenspersonen

Wanneer studenten indringende en ernstige problemen van zeer vertrouwelijke aard hebben, die zij niet met hun mentor of de studieloopbaanbegeleider willen bespreken, zijn daarvoor zowel vertrouwenspersonen als vertrouwensartsen beschikbaar. Het gaat hierbij om problemen die betrekking hebben op personen die bij de school betrokken zijn. Bij andere problemen kan men beter bij de mentor of studieloopbaanbegeleider terecht. De namen van bovengenoemde personen zijn aangegeven bij de locatiegegevens. In voorkomende gevallen kan eventueel een vertrouwensinspecteur worden ingeschakeld.

Vertrouwensinspecteurs

Betrokkenen bij het onderwijs kunnen bij het meldpunt Vertrouwensinspecteurs terecht met klachtmeldingen over seksueel misbruik, seksuele intimidatie, fysiek geweld en psychisch geweld, zoals grove pesterijen. De Inspectie van het Onderwijs heeft besloten om aan deze aandachtsgebieden toe te voegen signalen inzake discriminatie, onverdraagzaamheid, fundamentalisme, radicalisering, extremisme e.d. Wordt u binnen of in relatie tot uw school of onderwijsinstelling geconfronteerd met dergelijke signalen dan kunt u contact opnemen met een van de vertrouwensinspecteurs. Deze zal dan met u bezien op welke manier u op zorgvuldige wijze hiermee kunt omgaan. Net als bij de andere onderwerpen fungeert de vertrouwensinspecteur ook voor de meer genoemde signalen als aanspreekpunt. De vertrouwensinspecteur kan met u zoeken naar de meest wenselijke aanpak. Het meldpunt is op eenvoudige wijze telefonisch te bereiken, tijdens kantooruren en tegen lokaal tarief: 0900 - 111 3 111.

Kwaliteitszorg

Het is belangrijk dat de kwaliteit van het onderwijs gewaarborgd is en blijft. Een van de middelen om te zorgen voor een continue beheersing en verbetering van de kwaliteit van het onderwijs is de invoering van een integraal kwaliteitszorgsysteem. Daarbij is het zelfcorrigerende vermogen van de school in een cyclisch proces van groot belang. Dit kan worden bereikt door te handelen volgens de Deming Circle. Dat houdt in dat er niet alleen plannen worden gemaakt (Plan), activiteiten worden uitgevoerd (Do), maar dat dit proces en het resultaat daarvan ook worden geëvalueerd (Check) en waar nodig verbeterd (Act). Binnen onze school hebben we een kwaliteitszorggroep, die in samenwerking met de collega’s van de vier sectoren hieraan vorm en inhoud geeft. Er wordt naar gestreefd om de eisen die de wet stelt, de nadere voorschriften die de inspectie geeft en de (vaak praktische) wensen van het personeel zo optimaal mogelijk te laten samensmelten.

ARBO & Veiligheid

ARBO heeft alles te maken met veilig en gezond werken, waarbij gedacht kan worden aan een gezonde leefomgeving, veiligheid van machines en ergonomische omstandigheden. Het eerste aanspreekpunt voor ARBO-zaken is de (hoofd)conciërge. Een van de beleidsadviseurs van het directieteam is de centrale ARBO-coördinator voor fysieke en sociale veiligheid. De school heeft de plicht om van strafbare feiten zoals vastgelegd in de wet aangifte te doen bij de politie. Het Hoornbeeck College wil een veilige school zijn en blijven voor alle studenten en medewerkers van onze locaties. In dit verband is het locatiemanagement bevoegd om in het kader van het veiligheidsbeleid preventief kleding, tassen en kluisjes/lockers van studenten te controleren op aanwezigheid van verboden voorwerpen. De locatiemanager heeft in dit verband de bevoegdheid een student - preventief - te (laten) fouilleren waarbij zorgvuldig zal worden omgegaan met het privacybelang van de student. Ook kan het locatiemanagement de politie gebruik laten maken van het camerasysteem van de school om beeldmateriaal met daarop studenten en/of medewerkers te bekijken.

Op onze school worden naast theorielessen ook meerdere praktijklessen gegeven. Daarbij wordt daarbij gebruik gemaakt van technische hulpmiddelen, apparaten en machines die regelmatig door bevoegde instanties worden gekeurd. Aan het gebruik ervan kunnen risico’s verbonden zijn. Het is daarom nodig, dat de bij die lessen of de bij het gebruik van apparatuur gegeven veiligheidsvoorschriften en instructies nauwkeurig in acht worden genomen. Van de studenten wordt verwacht, dat zij zich bewust zijn van hun verantwoordelijkheid ten aanzien van zichzelf, van anderen en van de vaak zeer kostbare apparatuur.

Aansprakelijkheid

• Het Hoornbeeck College acht zich niet aansprakelijk voor ongevallen, die het gevolg zijn van het overtreden van voorschriften of het niet of onjuist opvolgen van instructies als in het vorige hoofdstuk bedoeld en heeft derhalve voor ongevallenrisico’s geen verzekering afgesloten.

• De instelling is niet aansprakelijk voor diefstal, verduistering, verlies en/of beschadiging van eigendommen of bezittingen van de student. Evenmin is de instelling aansprakelijk voor kosten en andere gevolgen, voortvloeiend uit door studenten aan elkaar toegebracht letsel.

• De school heeft een doorlopende reisverzekering afgesloten. Deze verzekering is van toepassing bij activiteiten die door of onder de verantwoordelijkheid van de school vallen. Hierbij kan gedacht worden aan reizen, kampen en excursies.

Lees meer >>

Ouderbetrokkenheid

Binnen het reformatorisch mbo nemen de ouders al vanaf de oprichting van de school een zeer belangrijke plaats in. Alle scholen die gefuseerd zijn tot het Hoornbeeck College zijn opgericht door de ouders zelf. Ouders kunnen dan ook lid worden van de schoolvereniging. Wij hechten veel waarde aan de interesse in en actieve betrokkenheid van de ouders bij de ontwikkeling van hun kinderen.

Effectief lesgeven is niet alleen afhankelijk van de pedagogisch-didactische kwaliteiten van leraren. Als leraren zich niet gesteund weten door ouders (en andere betrokken partijen rond de school), en als studenten voelen dat het aan die steun ontbreekt, bestaat het risico dat het gezag van leraren zodanig wordt aangetast dat het ten koste gaat van de kwaliteit.

Onze ouders behoren tot de gereformeerde gezindte. We hebben een gezamenlijk referentiekader: de Bijbel en de Drie Formulieren van Enigheid. Dat bindt ons samen. Belangrijk hierbij is dat gezin, school en kerk aan elkaar verwant zijn. Ouderverantwoordelijkheid neemt gradueel af naarmate de student steeds meer op eigen benen komt te staan. Ouderbetrokkenheid blijft echter altijd bestaan, ongeacht de leeftijd van ouders en kinderen. Als Hoornbeeck College zien we ouderbetrokkenheid als volgt: ‘Ouderbetrokkenheid is een niet-vrijblijvende en gelijkwaardige samenwerking tussen ouders en school, waarin beiden vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid werken aan de (school)ontwikkeling van de student.’ Een leergemeenschap die wij voorstaan betekent een omgeving met een goed pedagogisch klimaat en een warme en professionele inzet van de leraren.

Wij proberen hier concreet gestalte aan te geven door waar mogelijk ouders uit te nodigen voor gesprek en uit te nodigen voor het bijwonen van ouderavonden. Daarnaast zijn er diverse mogelijkheden om contact te hebben en te onderhouden tussen studenten, ouders, docenten en het management. Het bevorderen van betrokkenheid van personeelsleden, ouders en studenten is van groot belang voor de instandhouding en versterking van de gezamenlijke betrokkenheid op identiteitsgebonden vorming en onderwijs. Wanneer wij ons allen hierin afhankelijk weten van de Heere zal onze school daadwerkelijk een leergemeenschap zijn.

Ouderavonden

In het begin van het cursusjaar wordt per locatie per sector een voorlichtingsavond voor ouders van studenten in het eerste leerjaar georganiseerd. Op deze avonden wordt voorlichting gegeven over de algemene gang van zaken in de instelling, de structuur van de opleidingen, de beroepspraktijkvorming, de examinering e.d. Tenminste eenmaal per cursusjaar worden de ouders in de gelegenheid gesteld met docenten te spreken over de vorderingen en/of gedragingen van de student.

Rapportage

De rapportage over de vorderingen van de studenten wordt afgestemd op de onderwijskundige inrichting van de opleiding en wel zodanig, dat de student en zijn ouders in staat worden gesteld tijdig een inzicht te verkrijgen in de studievorderingen. Er wordt van uitgegaan dat, indien de student meerderjarig wordt tijdens de opleiding, de ouders volledig betrokken blijven en derhalve mede aanspreekbaar zijn tot de opleiding volledig is afgerond. Met het oog daarop blijven de ouders van meerderjarig geworden studenten in principe geïnformeerd omtrent alle daarvoor in aanmerking komende zaken, die zich met betrekking tot de student voordoen.

Correspondentie over de student of over studieresultaten vindt plaats met de ouders tenzij het BBLstudenten betreft van 21 jaar en ouder.

Publicatie beeldmateriaal

Gedurende het schooljaar worden schoolactiviteiten vastgelegd. Deze opnamen kunnen worden gebruikt in schoolpublicaties. Als daar bezwaar tegen bestaat, kunnen collega’s, studenten of hun ouders dit kenbaar maken bij de betrokken leidinggevende.

Testen

Jaarlijks worden er door de school hoge kosten gemaakt voor het af nemen van (beroepskeuze)testen. Gemiddeld kost dit per test € 400,-. Voor het afnemen van een test wordt er een eigen bijdrage van de ouders gevraagd van 25% van de kosten met een minimum van € 35,- per test.

Lees meer >>

Integriteit

Algemeen

Ouders kunnen met betrekking tot verschillende aspecten van het onderwijs bezwaren hebben. Zo kunnen zij moeite hebben met de manier waarop een docent hun kind behandelt, vragen hebben over de aangeboden lesstof of bezwaren hebben tegen de opvattingen die een docent huldigt of uitdraagt tijdens de les. In die gevallen is het van belang dat zij de juiste weg bewandelen. Wij willen daarbij de richtlijnen volgen zoals de Bijbel die ons bijvoorbeeld in Matthéüs 18 geeft. Als iemand meent dat een ander iets verkeerds doet, dient dat in eerste instantie met elkaar besproken te worden om tot een oplossing te komen.

Ouders dienen hun bezwaar allereerst te bespreken met de betreffende docent. Wellicht kan het probleem op die manier worden opgelost. Leidt dat echter niet tot het gewenste resultaat, dan kunnen ouders, afhankelijk van de situatie, hun probleem voorleggen aan de mentor, coördinator of opleidingsmanager. Leidt ook dit gesprek niet tot de gewenste oplossing, dan kunnen ouders zich beroepen op het Directieteam. Daarna is beroep op het College van Bestuur mogelijk.

Tenzij bijzondere belangen, waaronder die van de student, worden geschaad, is de bovengenoemde werkwijze de aanbevolen regel. Er kunnen ook omstandigheden zijn die het volgen van de bovenstaande werkwijze in de weg staan. Ouders hebben dan de mogelijkheid gebruik te maken van de klachtenregeling. Deze staat in de volgende paragrafen beschreven.

Klachtenregeling

Sinds 1998 is het wettelijk verplicht dat scholen een klachtenregeling hebben waarvan ouders, studenten en personeelsleden gebruik kunnen maken. In deze regeling staat omschreven hoe de school omgaat met uiteenlopende klachten. Klachten kunnen betrekking hebben op alle facetten van het schoolleven, waaronder iedere vorm van gedrag van het College van Bestuur, de leden van het Directieteam, het management, personeelsleden en studenten. Daaronder vallen ook klachten over discriminatie, ongewenste intimiteiten, agressie en geweld.

Hoewel in veel gevallen de onder het kopje ‘Algemeen’ beschreven werkwijze gevolgd zal worden om een klacht op te lossen, is er de mogelijkheid om daarvan af te wijken. Er kunnen immers omstandigheden zijn waardoor de klager ervoor kiest om een andere route te volgen. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als de klager geen vertrouwen heeft in een gesprek met degene over wie hij een klacht heeft of geen kans ziet om tot een goed gesprek te komen. Ook kan het gebeuren dat het gesprek niet tot resultaat of overeenstemming leidt. In zulke gevallen kan verder gehandeld worden zoals beschreven in de klachtenregeling.

Vertrouwenspersonen

In het kader van de klachtenregeling zijn op alle locaties vertrouwenspersonen aangewezen (zie locatiegegevens na inlog). Klachten kunnen met een van hen besproken worden, waarbij de inzet is om de klacht in samenspraak met de betrokkenen op te lossen. Zo nodig begeleidt de vertrouwenspersoon de klager bij het doorsturen van de betreffende klacht naar de externe klachtencommissie. De school is aangesloten bij de klachtencommissie van de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs (VGS). De vertrouwenspersonen hebben een brugfunctie tussen ouders/studenten enerzijds en de school en, zo nodig, de klachtencommissie anderzijds.

Klachtencommissie

De klachtencommissie onderzoekt de ingediende klacht. Daarbij kan de klager zich op eigen kosten laten bijstaan door een raadsman. De klachtencommissie heeft het recht bij leden van het College van Bestuur, leden van het Directieteam, het management, personeelsleden en studenten alle gewenste inlichtingen in te winnen. De klachtencommissie brengt een schriftelijk oordeel over de klacht uit aan het bevoegd gezag.

Indienen van een klacht

Als een klacht niet tijdens een gesprek met de betreffende persoon valt op te lossen, kan een klager zich wenden tot een van de vertrouwenspersonen van de betreffende locatie of tot het Directieteam. In principe probeert degene bij wie de klacht wordt ingediend door bemiddeling tot een oplossing te komen. Op deze regel zijn twee uitzonderingen:

• De klager kan direct (maar ook later in de procedure) de wens hebben dat de klacht wordt doorgestuurd naar de klachtencommissie. Ook als de klacht naar het oordeel van degene bij wie de klacht wordt gemeld betrekking heeft op het vermoeden van een strafbaar feit, wordt deze klacht doorgezonden naar de klachtencommissie of wordt hiervan door het bevoegd gezag aangifte gedaan bij justitie.

• Als bemiddeling niet tot een oplossing leidt, kan eveneens het oordeel van de klachtencommissie worden gevraagd.

Een dergelijke schriftelijke klacht kan worden ingediend bij een van de vertrouwenspersonen, de voorzitter van het Directieteam of het College van Bestuur. De klacht kunt u eveneens bij de klachtencommissie indienen via de ambtelijk secretaris van de klachtencommissie (hieronder is het adres vermeld). In dat geval dient ook een overzicht van de ondernomen handelingen en de daaraan gerelateerde documenten te worden meegezonden. Klachten dienen zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen drie maanden nadat de betreffende zaak heeft plaatsgevonden, ingediend te worden. Alleen bij gevallen van seksuele intimidatie, agressie en geweld is indienen van een klacht niet aan een termijn gebonden.

Als een klacht betrekking heeft op een zedenmisdrijf, dan heeft het College van Bestuur, op grond van een schriftelijk oordeel over de klacht door de klachtencommissie en in overleg met de vertrouwensinspecteur, de plicht daarvan aangifte te doen bij justitie. Aan de onderwijsinspecteur wordt gemeld dat aangifte is gedaan.

Adres ambtelijk secretariaat klachtencommissie:

mr. J.S. Beukens
Fahrenheitstraat 11
3817 WB Amersfoort
T 033 462 26 03
E js.beukens@kliksafe.nl

Klokkenluidersregeling

Vanaf 2012 is er binnen de school ook een klokkenluidersregeling. Deze regeling is bedoeld voor het aan de orde stellen van misstanden binnen de school, zo nodig anoniem. Deze regeling heeft een ander doel dan de klachtenregeling. Bij de klachtenregeling gaat het vooral om het aan de orde stellen van een bepaald (persoonlijk) belang dat is geschaad. De klokkenluidersregeling is bedoeld voor het aankaarten van structurele en ernstige misstanden in de organisatie. Het gebruiken van deze regeling moet dan ook worden gezien als een ‘ultimum remedium’ (een middel dat alleen in het uiterste geval wordt gebruikt). In het kader van de klokkenluidersregeling is de volgende vertrouwenspersoon benoemd: J. van de Vliert (locatie Amersfoort). De school is aangesloten bij de Commissie Integriteitsvraagstukken van de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs (VGS). De klokkenluidersregeling is te vinden op de website van de school.

Integriteitscode

Al langere tijd beschikte de school over diverse gedragscodes, regelingen e.d. voor personeel en studenten. In 2013 is er een integriteitscode ingevoerd. Die code moet worden gezien als een algemeen koepeldocument voor de bestaande gedragscodes. Hierin worden de belangrijkste uitgangspunten voor integer handelen binnen de school verwoord. De verschillende gedragscodes, regelingen e.d. vormen daarvan een uitwerking. De integriteitscode is te vinden op de website van de school.

Lees meer >>

Medezeggenschap

De basis voor de medezeggenschap in het MBO is een wijziging van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) en de Wet op de Ondernemingsraden (WOR). Op grond van deze wetten zijn in het schooljaar 2010-2011 verkiezingen gehouden voor de ondernemingsraad en de studentenraad. Beide raden bestaan uit een evenredige vertegenwoordiging vanuit de locaties van onze school. Op grond van de reglementen worden elke drie resp. twee jaar verkiezingen gehouden.

Ondernemingsraad

De ondernemingsraad heeft het recht op alle informatie die nodig is om zijn werkzaamheden te vervullen. Naast deze algemene bevoegdheid heeft de raad t.a.v. belangrijke beleidsterreinen van de school adviesrecht en in een aantal zaken instemmingsrecht. Die onderwerpen zijn vastgelegd in het professioneel statuut waarin naast bepalingen over professionaliteit ook afspraken worden gemaakt over extra bevoegdheden van de ondernemingsraad. In het professioneel statuut wordt tevens de zeggenschap van de docent gewaarborgd en het belang van een houding van wederzijds respect tussen werkgever en werknemer onderstreept. Klik hier voor de samenstelling van de ondernemingsraad.

Studentenraad

De studentenraad behartigt de belangen van de studenten in de school. De raad wordt in zijn werk begeleid door een adviseur vanuit de school. De studentenraad mag het College van Bestuur gevraagd en ongevraagd advies geven over alle beleidsmatige zaken, die met de school te maken hebben. In het reglement staat het overzicht van de onderwerpen waarover het bestuur advies van de studentenraad nodig heeft voordat definitieve besluiten worden genomen. De Raad van Toezicht legt een voorgenomen besluit over de profielen voor de leden van deze raad voor advies voor aan de studentenraad. Tot slot heeft de raad het recht vertrouwelijk gehoord te worden door de Raad van Toezicht bij benoeming of ontslag van een lid van het College van Bestuur. Voor de samenstelling van de studentenraad, klik hier.

Lees meer >>

Lidmaatschap van de schoolvereniging (VVORG)

Dit cursusjaar volgt uw zoon of dochter onderwijs op het Hoornbeeck College. Misschien is het niet het eerste kind uit uw gezin, maar is er al langer sprake van een ouder - schoolrelatie. Wij hopen van harte dat deze eerste of hernieuwde kennismaking voor u een bevestiging is dat het, zeker in deze tijd, een groot voorrecht is als onze jongeren reformatorisch middelbaar beroepsonderwijs kunnen volgen. Helaas is dit onderwijs niet onbedreigd. Politieke en maatschappelijke ontwikkelingen laten zien dat de vrijheid van onderwijs steeds verder ingeperkt lijkt te worden. Daarnaast constateren we ook dat in eigen kring het urgentiebesef afneemt.

Wij zijn ervan overtuigd dat het reformatorisch onderwijs in de driehoek gezin, school en kerk een onmisbare schakel is voor de vorming en toerusting van onze jongeren op weg naar de volwassenheid. Als school hebben we met u als ouders een gezamenlijke taak en verantwoordelijkheid in de opvoeding en het onderwijzen van jongeren in een kwetsbare periode van hun leven.

De Identiteitsraad vraagt uw aandacht voor het belang van uw lidmaatschap van de Vereniging voor onderwijs op reformatorische grondslag (VVORG). Deze vereniging is in 1968 opgericht door ouders uit diverse kerken die grote zorgen hadden over de identiteit van de scholen die hun kinderen bezochten. Samen mochten zij, onder biddend opzien tot de Heere, een middel zijn tot de oprichting van reformatorisch voortgezet onderwijs en later ook van reformatorisch middelbaar beroepsonderwijs.

Het lidmaatschap van de VVORG stelt u in de gelegenheid zo nauw mogelijk bij de identiteit van onze school betrokken te zijn. Als lid van de VVORG kunt u de ledenvergadering bijwonen. Omdat de VVORG de schoolvereniging is van zowel het Van Lodenstein College als van het Hoornbeeck College krijgt u van tijd tot tijd informatie over de beide scholen. De Schoolvereniging heeft momenteel ruim 1800 leden.

Ten aanzien van het lidmaatschap zijn artikel 7 en 8 van de statuten van de VVORG van belang:

Artikel 7

1. Leden der vereniging kunnen zijn alle mannelijke personen die zich daartoe schriftelijk bij de secretaris van het bestuur hebben aangemeld en als zodanig zijn toegelaten.

2. Tot het lidmaatschap kunnen alleen worden toegelaten die mannelijke personen die:
a. schriftelijk instemming betuigen met de grondslag en het doel der vereniging als omschreven in de artikelen 2, 3, 4 en 4a der statuten;
b. het in de artikelen 2 en 3 dezer statuten omschreven beginsel voorstaan in leer en leven alsmede belijdend en kerkelijk meelevend lid zijn van de Gereformeerde Gemeenten, de Hersteld Hervormde Kerk, de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland, de Christelijke Gereformeerde Kerken of andere gemeenten, een en ander naar het oordeel van het bestuur;
N.B. Voor alle helderheid vermelden wij hier dat tot de participerende kerken die hierboven vermeld staan ook de Hervormde Gemeenten (PKN) behoren, in zoverre zij zich bijzonder gebonden weten aan Gods Woord en de Drie Formulieren van Enigheid.
c. de leeftijd van eenentwintig jaar hebben bereikt, en

d. zich verbinden tot het betalen van een jaarlijkse contributie waarvan het minimum wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering.

3. Leerlingen/studenten van een der scholen uitgaande van de in artikel 5 genoemde stichting(en) en personen in dienst van de in artikel 5 genoemde stichting(en) kunnen geen lid zijn van de vereniging.

Artikel 8

1. Buitengewone leden der vereniging kunnen zijn:

a. moeders van leerlingen/studenten van een van de in artikel 5 genoemde stichting(en) die als gezinshoofd de verantwoordelijkheid dragen voor de opvoeding van hun kinderen; en

b. personen in dienst van de in artikel 5 genoemde stichting(en), die zich daartoe schriftelijk bij de secretaris van het bestuur hebben aangemeld en als zodanig zijn toegelaten, waarbij het in artikel 7 lid 2 bepaalde van overeenkomstige toepassing is.

2. Buitengewone leden hebben geen stemrecht en kunnen geen deel uitmaken van het bestuur.

 

Aanmeldingsformulier

Ondergetekende wenst lid te worden van de Vereniging voor Onderwijs op Reformatorische Grondslag te Amersfoort.

 

Download hier het doel en de grondslag van de vereniging en de statuten en het huishoudelijk reglement.

Voor meer informatie kunt u een e-mail sturen aan: vdk@sorg.nl.

 

De jaarlijkse minimumcontributie bedraagt momenteel € 5,00. Het staat ieder lid vrij zijn contributie te bepalen op een hoger bedrag.

Lees meer >>

Bekijk onze opleidingen per sector

in beeld

Navigeer snel naar de gewenste studierichting

Student aan het woord

Marjanne Kok 2_www
Marianne Kok
Student

Spannende overstap

Lees verder
Gertjan Horst_www
Gert Jan Horst
Student

Perfect totaalplaatje

Lees verder
394