Slagboom volgde na de middelbare school de sportopleiding CIOS in Goes. „Ik hield van actief bezig zijn en voor een groep staan trok me wel.” Tijdens zijn opleiding liep hij stage bij de politie, waar hij uiteindelijk tot 2023 werkte. „Ik wilde altijd boeven vangen, leuke dingen meemaken, actie.” Maar gaandeweg begon er iets te knagen. „Na corona en ingrijpende gebeurtenissen in mijn omgeving ging ik nadenken. Er is meer in het leven.”
De overstap naar het onderwijs kwam niet ineens. Via collega’s hoorde hij over de beveiligingsopleiding bij het Hoornbeeck College. „Ik gaf een keer een gastles en dat beviel. Toen er een vacature kwam, heb ik gesolliciteerd.” Inmiddels geeft hij sport, agressietrainingen en beveiligingsvakken, maar ook godsdienst. „Dat laatste voelde als een roeping. Andere vakken trokken me minder, maar theologie en Bijbelstudie wel. Ik wilde jongeren toerusten.”
Een sprong in het diepe
Als zij-instromer begon Slagboom aan het begin van het schooljaar. „Ik had gelijk een mentorklas en draaide meteen mee. Dan leer je snel improviseren.” Zijn sportachtergrond hielp hem om voor een groep te staan, maar de omschakeling was pittig. „Er komt zó veel kijken bij onderwijs: lessen, administratie, absenties verwerken, toetsen voorbereiden, leerlingen met rugzakjes. Ik ben blij dat ik in een warm team terechtkwam. Zonder dat draagvlak red je het niet.”
De eerste weken waren hectisch. Slagboom, lachend: „Ik kreeg administratie waar ik nog nooit van had gehoord. Na anderhalf jaar bleken er vijftig openstaande absentiemeldingen in het systeem te staan die ik nog moest goedkeuren. Ik wist niet eens dat dat bestond. Dan leer je snel hoe belangrijk collega’s zijn die je even uitleggen hoe het werkt.”
Eerste ervaringen
Zijn vuurdoop staat hem nog goed bij. „Mijn allereerste les was drie uur theorie beveiliging, in een lokaal met palen in het midden en een klas vol energie. Je staat er alleen, twintig blikken op je gericht. Dat vond ik spannend, maar het ging goed. Ik was ook eerlijk: ik ben nieuw en als ik iets niet weet, zoek ik het voor je uit.”
Het moment dat hij doorhad dat onderwijs hem lag, kwam bij een gesprek over zware thema’s. „Tijdens een les over suïcide hadden we een diep gesprek. Dan merk je dat je er voor jongeren mag zijn. Ook de ontwikkeling die jongeren doormaken naar volwassenheid is prachtig om te zien. Je ziet ze groeien. Dat zijn de momenten waarop je weet: dáárvoor sta ik hier.”
Wezenlijke gesprekken
Wat hem raakt in het vak godsdienst is de ruimte voor wezenlijke thema’s. „Je kunt jongeren laten zien dat de Bijbel de rode draad is. Dat doe ik door Bijbelteksten centraal te stellen, maar ook door actualiteit of praktijkvoorbeelden in te brengen. Dan vraag ik: ‘Wat zou Gods wil hierin zijn?’”
Sommige onderwerpen blijken bijzonder aan te spreken. „Ik gaf les over seksualiteit vanuit de Korinthebrief. Eerst vond ik dat spannend, maar het werd een van de mooiste lessen. Toen het over pornografie ging, waren de studenten heel betrokken. Dat kwam heel dichtbij. Terwijl het normaal best een drukke klas was, hing er opeens een stilte.”
Hij ziet dat veel jongeren te maken hebben met twijfel. „Ze geven aan wel in God te geloven, maar vaak ook te maken te hebben met vragen en onzekerheid. Ik laat vooral de Bijbel spreken. Uiteindelijk hoop ik dat ze zien wat geloven wél is.”
'De ontwikkeling die jongeren doormaken naar volwassenheid is prachtig om te zien. Je ziet ze groeien'
Team- en schoolcultuur
Slagboom roemt de sfeer op school. „Toen ik hier kwam, voelde het als een warm bad. Collega’s helpen elkaar, we hebben plezier en trekken samen op. Studenten vroegen zelfs een keer of we vrienden waren. Dat zegt genoeg.”
Die saamhorigheid is ook merkbaar bij bivakken en kampen. „Tijdens een week weg met studenten bouw je een band op. Je bent continu samen. Dan ontstaan er gesprekken die in een leslokaal nooit zouden plaatsvinden. Dat doet veel met de relatie tussen docent en student.”
Wat hij zelf leert van jongeren? „Ze houden je een spiegel voor. Als je energiek bent, krijg je dat terug. Op de Dag van de Leraar speelden ze ons als docenten een keer na. Dat was heel herkenbaar. Grappig om te zien.” Het verschil tussen zijn huidige werk en dat bij de politie is groot. „Dat was een seculiere omgeving. Hier wordt de dag geopend met gebed en Bijbel. Dat voelde eerst onwennig, maar ik zie hoe waardevol het is. Christelijk onderwijs is onderwijs met een plus. Geen lege huls, maar leren leven naar de Bijbel.”
Betekenis en geloof
Lesgeven is voor Slagboom meer dan het overdragen van kennis. „Ik hoop leerlingen weerbaar te maken, zowel fysiek als mentaal. Ze moeten straks stevig in de maatschappij staan. Daarbij neem ik mijn eigen levenservaring mee. Vooral wil ik laten zien hoe de Bijbel richting geeft.”
Zijn geloof speelt daarin een onmisbare rol. „Godsdienst geven lag in het begin buiten mijn comfortzone. Voor een sportles maakte ik me nooit druk, maar voor een godsdienstles wel. Dan denk je: hoe pak ik dit aan? Toch zijn juist de lessen waar ik tegenop zag, vaak de mooiste. Dan merk je je afhankelijkheid.”
'Voor een sportles maakte ik me nooit druk, voor een godsdienstles wel. Toch zijn juist de lessen waar ik tegenop zag, vaak de mooiste"
Balans en toekomst
Het combineren van gezin, opleiding en werk is soms. pittig. „In tentamenweken moet ik alle ballen tegelijk in de lucht houden. Maar alles is tot nu toe voorspoedig gegaan. Ik ervaar dat ik op mijn plek zit. Daar heb ik rust in gevonden. Ik hoop dat ik dit over tien jaar nog steeds doe. Met meer ervaring, meer verdieping. En misschien geef ik dan nieuwe vakken of volg ik een vervolgopleiding. Blijven leren, dat hoort erbij.”
En zou hij anderen aanraden het onderwijs in te gaan? „Zeker. Je staat dicht bij jongeren en je leert zelf ook veel. En het is afwisselend. Ieder uur is anders. Dat maakt dit werk boeiend.”
Dit artikel verscheen eerder in magazine GezinsGids.