Zoeken
Jaarverslag 2015
5.1
Financiële positie Hoornbeeck College

In dit financiële verslag worden de belangrijkste posten toegelicht. Het boekjaar 2015 wordt afgesloten met een positief exploitatieresultaat van 3,4 miljoen euro. Het financieel beleid is erop gericht de financiële positie te versterken door het realiseren van een positief resultaat, onder meer met het oog op de bouwplannen op diverse locaties en het afbouwen van de schuldpositie.

5.2
Solvabiliteit

De balanspositie van het Hoornbeeck College is goed. Dit blijkt onder meer uit de solvabiliteit. De solvabiliteit is een kengetal dat het eigen vermogen uitdrukt in een percentage van het totale vermogen. Voor het Hoornbeeck College ontstaat dan het volgende beeld:

Solvabiliteit van het Hoornbeeck College boven de gestelde ondergrens. Deze ondergrens voor het mbo is vanaf 2012 verhoogd van 20% naar 30%. Uit de financiële benchmark van het mbo over het boekjaar 2013 blijkt dat de solvabiliteit van de mbo-sector als geheel 52,5% bedraagt.

5.3
Toelichting op de balansposten

De totale materiële activa steeg in 2015 met 5,0 naar 37,0 miljoen euro. Binnen deze post wordt onderscheid gemaakt tussen:

  • De waarde van de geactiveerde gebouwen. Door uitbreiding van een schoolgebouw in Kampen en de aankoop van bouwterreinen in Goes en Rotterdam is deze post toegenomen met 5,2 miljoen euro. De afschrijving op het totaal van de gebouwen en terreinen bedroeg 1,5 miljoen euro.
  • De boekwaarde van de inventaris en apparatuur nam toe met 1,3 miljoen euro als gevolg van 2,6 miljoen euro aan investeringen en 1,4 miljoen euro aan afschrijvingen.

Het positief exploitatieresultaat werd toegevoegd aan het eigen vermogen.

De voorzieningen namen met 25% toe doordat de onderhoudskosten lager waren dan de jaarlijkse dotatie aan de onderhoudsvoorziening en een aanvullende dotatie voor wachtgelden noodzakelijk bleek.
De schulden op lange termijn bestaan uit leningen bij de bank, ultimo 2015 8,1 miljoen euro en een lening van het Van Lodenstein College/VVORG  van 4,0 miljoen euro. De rente van de leningen bij de bank staat voor meerdere jaren vast. De verschuldigde rente over de lening van het Van Lodenstein College/VVORG wordt jaarlijks vastgesteld.
De schulden op korte  termijn nemen toe vanwege een hoger crediteurensaldo ultimo 2015.

5.4
Kasstroomoverzicht

Een kasstroom geeft inzicht in de ontwikkeling van de balans. Uit het onderstaande overzicht blijkt dat het Hoornbeeck College een negatieve kasstroom heeft van 0,7 miljoen euro.

5.5
Exploitatie

De uitkomst van de staat van baten en lasten bedraagt 3,4 miljoen euro positief of wel 7,5% van de baten.

De totale baten waren in 2015 3,2 miljoen euro hoger dan begroot in verband met een hogere rijksbijdrage en hogere overige baten. De hogere rijksbijdrage is het gevolg van een extra toegekende subsidie in het kader van kwaliteitsverbetering. De besteding van de subsidie heeft ook geresulteerd in hogere overige lasten.

De stijging van de totale lasten in 2015 ten opzichte van de begroting bedraagt 7,5% of wel 3,0 miljoen euro. Dit is onder meer het gevolg van:

  • Hogere personele kosten in verband met een cao-gebonden loonsverhoging;
  • Hogere huisvesting en afschrijvingskosten in verband met de uitbreiding van de locatie Kampen en de start van de locatie Gouda;
  • Hogere overige lasten als gevolg van de start van de locatie Gouda en hogere scholings- en begeleidingskosten in het kader van de kwaliteitsgelden.
5.6
Vooruitblik

Voor de komende jaren wordt, na een periode van groei van het aantal studenten, een zekere stabilisatie verwacht. Als gevolg daarvan zullen de exploitatielasten stabiliseren terwijl de baten in verband met de zogenaamde t-2 financiering nog een jaar zullen toenemen. Daardoor wordt in 2016 een exploitatieoverschot verwacht. Ook de jaren daarna wordt een positief exploitatieresultaat verwacht. Dit is noodzakelijk om toekomstige investeringen in huisvesting in Rotterdam, Goes en Gouda te kunnen financieren.

5.7
Treasurybeleid en externe financiering

Het beleid van het Hoornbeeck College is erop gericht om uit overtollige liquide middelen een optimaal rendement te behalen. Het College van Bestuur heeft besloten om daarbij uitsluitend gebruik te maken van deposito’s en (internet)spaarrekeningen bij financiële instellingen met minimaal een A-rating op het gebied van kredietwaardigheid.

De oorspronkelijk afgesloten kredietfaciliteit van 20,0 miljoen euro wordt ten dele benut. Per ultimo 2015 wordt 8,1 miljoen euro geleend bij externe kredietinstellingen ter financiering van investeringen in huisvesting. De rente over deze leningen bedraagt gemiddeld 4,1% en heeft een rentevaste periode van 5 tot 10 jaar.

Jaarverslag 2015
539