Zoeken
Jaarverslag 2014
3.1
Waardering van studenten

In 2014 is opnieuw de landelijke JOB-monitor afgenomen om te meten wat mbo-studenten van hun school vinden. In het rapport van dit onderzoek scoort het Hoornbeeck College bovengemiddeld hoog. De twee kernresultaten van het onderzoek, weergegeven in een door de studenten geuite waardering met een rapportcijfer, laten de volgende cijfers zien:

 
De  Hoornbeeck-score  is  bij  beide  kernvragen  met  0,1  punt  gestegen.  Landelijk  heeft  eenzelfde stijging plaatsgevonden. De respons was 71,2%, waarmee we kunnen concluderen dat de uitkomst een representatief beeld geeft van de mening van onze studenten.
 
Evenals voorgaande jaren zijn uit de JOB-monitor ook verbeterpunten naar voren gekomen. Deze punten zijn opgenomen in de locatie- en teamplannen. Via de halfjaarlijkse managementrapportages wordt  de  voortgang  van  verbeteracties  geëvalueerd.  Aan  de  standaardvragenlijst  van  de  JOB-monitor zijn enkele specifieke vragen over de identiteit van de school toegevoegd.

Tabel 1 : Uitslag JOB-monitor Hoornbeeck College

Tabel 2 : Uitslag eigen vragen Hoornbeeck College

Naast  de  JOB-monitor  werkt  het  Hoornbeeck  College  ook  mee  aan  het  landelijke  School  Ex-programma. Met dit programma willen we studenten zoveel mogelijk begeleiden naar werk met een hoge baanzekerheid of een vervolgopleiding. Degenen die geen werk kunnen vinden, begeleiden we naar het UWV. We hebben deze ondersteuning ingebed in de Loopbaan Oriëntatiebegeleiding (LOB) en via alumnionderzoek volgen we de verdere ontwikkeling van studenten. De resultaten van het Hoornbeeck College waren op 1 oktober 2014 de volgende:

Het Hoornbeeck College heeft in het verslagjaar ook deelgenomen aan het landelijke onderzoek van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) inzake School Ex.

3.2
Waardering van ouders

In 2012 hebben we voor het eerst een onderzoek verricht onder ouders naar hun waardering voor de identiteit en het onderwijs van het Hoornbeeck College. Op een 4-puntenschaal waardeerden de ouders de opleiding van hun kind(eren) met een 3.2 en het gehele college met een 3.4. Over het algemeen zijn ouders kritischer dan studenten over organisatorische aspecten van het onderwijs.
 
De  verbeterpunten  uit  dit  onderzoek  hebben  we  opgenomen  in  de  locatie-  en  teamplannen. Inmiddels hebben we deze acties geëvalueerd in halfjaarlijkse  managementrapportagegesprekken. In 2015 gaan we een vergelijkbaar onderzoek uitvoeren om na te gaan of de verbeteracties een hogere score op specifieke items opleveren.

3.3
Waardering van medewerkers

In  2013  heeft  onderzoeksbureau  Effectory  een  tevredenheidsonderzoek  gehouden  onder  het personeel  van  het  Hoornbeeck  College.  Dit  onderzoek  is  op  elk  mbo-college  hetzelfde,  zodat benchmarking  mogelijk  is.  Naast  de  standaardvragen  van  de  MBO  Raad  heeft  het  Hoornbeeck College eigen vragen toegevoegd.

 

Op basis van de uitkomsten hebben verbeteracties een plek gekregen in actieplannen. Deze acties gaan  vooral  in  op  het  thema  ‘bevlogenheid’,  omdat  de  score  hierop  relatief  laag  is.  Op instellingsniveau zijn we aan de slag gegaan met de thema’s ICT, communicatie en werkdruk. De resultaten  van  deze  verbeteracties  zijn  aan  bod  gekomen  in  de  halfjaarlijkse  managementrapportagegesprekken. In 2015 voeren we een vergelijkbaar onderzoek uit om te meten of onze verbeteracties het gewenste resultaat opgeleverd hebben.

3.4
Waardering van leerbedrijven

In  2013  hebben  we  leerbedrijven  gevraagd  wat  ze  van  het  Hoornbeeck  College  vinden.  Uit  dat onderzoek bleek, dat zij over het algemeen tevreden zijn. 

De  respons  van  leerbedrijven  op  dit  onderzoek  is  hoog  genoeg  om  conclusies  te  trekken  op instellingsniveau. We streven ernaar om de respons dusdanig te verhogen dat we op teamniveau kunnen rapporteren over de tevredenheid van leerbedrijven.
 
De verbeterpunten die uit het onderzoek onder leerbedrijven naar voren zijn gekomen:

  1. Voorlichting aan de student over:
    •  het bpv-fonds;
    •  de instructie over de examinering in de bpv;
    •  de gevolgen van het behalen van een onvoldoende voor de stage. 
  2. Informeren bpv-bedrijven door het tijdig doen toesturen van de planning met de relevante data.
  3. Duidelijkheid verschaffen over terugkomonderwijs voor stagiaires op school.
  4. Deskundigheidsbevordering bpv-docenten en praktijkbegeleiders rond de beoordeling.

Specifieke verbeteracties zijn opgenomen in de teamplannen. De voortgang van deze verbeteracties komen aan de orde in halfjaarlijkse gesprekken op basis van managementrapportage. In 2015 voeren we een vergelijkbaar onderzoek uit om te meten of onze verbeteracties het gewenste resultaat opgeleverd hebben en daadwerkelijk leiden tot een hogere score. 

3.5
Waardering van de onderwijsinspectie

Elke drie jaar wordt er een onderzoek gedaan naar de Staat van de Instelling. Dat onderzoek bestaat uit een gegevensanalyse, instellingsbreed onderzoek en een kwaliteitsonderzoek bij één of meer opleidingen.  In  2012  kregen  we  een  voldoende  beoordeling  voor  het  onderwijsproces,  de opbrengsten, de kwaliteitsborging en de naleving van wettelijke eisen. We kregen een onvoldoende beoordeling voor twee van de vier opleidingen uit de steekproef: 
 
•  Middenkaderopleiding Bouwkunde, BOL, niveau 4, Amersfoort (crebonrs. 10130 en 94051); 
•  Onderwijsassistent, BOL, niveau 4, Rotterdam (crebonr. 93500).
 
Binnen een jaar moest de examinering bij deze opleidingen op orde zijn. We hebben ons vooral gericht op de examinering in de bpv en de monitoring door de examencommissie. We hebben een verbeterplan uitgevoerd om de examinering te laten voldoen aan de eisen van de inspectie. Deze verbeteringen  zijn  zo  nodig  ook  doorgevoerd  bij  andere  opleidingen.  In  februari  2014  heeft  de inspectie heronderzoek gedaan en beide hierboven genoemde opleidingen hebben een voldoende beoordeling ontvangen.

3.6
Onderzoek melden verzuim en voortijdig schoolverlaten door gemeenten

In 2013 heeft de gemeente Rotterdam op de locatie aan de Carnissesingel onderzoek gedaan naar het melden van verzuim en voortijdig schoolverlaten bij drie opleidingen: Zorghulp, Helpende Zorg &  Welzijn  en  Handel  &  ICT.  De  locatie  kreeg  daarvoor  een  voldoende.  De  meldingen  van  alle opleidingen worden op dezelfde wijze verwerkt en daardoor heeft in het kalenderjaar 2014 geen controle meer plaatsgevonden. Bij een vervolgcontrole stemt de gemeente Rotterdam de controle goed af met het Hoornbeeck College, zodat er efficiënt gecontroleerd kan worden.

Jaarverslag 2014
416