Zoeken

Docenten aan het woord

Dhr. T. Roelofse

Toen:

Ooit begon docent Elektrotechniek Theo Roelofse zijn carrière op het ‘oude’ Saldenus. “Ik moest even opzoeken wanneer dat was,” lacht hij. “De tijd gaat ook zo verschrikkelijk snel.” Al op het vmbo koos hij voor de opleiding Elektrotechniek. “Niet omdat ik dat zo verschrikkelijk leuk vond. Maar puur omdat ik íets moest kiezen. Ik wilde in die tijd technisch tekenaar worden. Samen met mijn klasgenoot droomde ik van een eigen bedrijf. En vooral van rijk worden natuurlijk,” grinnikt hij. “Doordat de school nog een stuk kleiner was, was de sfeer gemoedelijk. De meeste studenten kenden elkaar. Omdat in die tijd alle sectoren nog sterk van elkaar gescheiden waren, kreeg je als kleine groep al snel een sterke band. Zeker als techneuten onderling. Je ging samen voor hetzelfde vak, had allemaal dezelfde ambities. Een fantastische tijd. Samen met de andere jongens uit mijn klas maakten we veel plezier, maar beleefden we ook goede momenten. Juist omdat je met z’n allen op een reformatorische school zat, kon je over serieuzere zaken praten, dan over koetjes en kalfjes. Zo hadden we mooie gesprekken over geloof en toekomst. Dat gaf een hechte band. Met een aantal van die jongens heb ik nog steeds contact. Zo’n tijd is goud waard.”

Nu:

Een carrière als tekenaar bij een ingenieursbureau is het niet geworden. Docent Roelofse kwam uiteindelijk weer terug op zijn oude stekkie, de plek waar het allemaal begon. “Ik ontdekte na mijn studie al snel mijn liefde voor doceren. Na een aantal jaar op een openbaar ROC, werd ik gevraagd om weer ‘terug’ te komen op het Hoornbeeck. Een keus die snel gemaakt was. In oktober 2010 ben ik als docent Elektrotechniek aan de slag gegaan bij het Hoornbeeck. Het was alsof ik in een warm bad belandde. We zijn één team en gaan er met z’n allen voor.” Roelofse gaat voor zijn studenten. “Studenten? Nee hoor, míjn jongens,” lacht hij. “Ik vind mijn werk schitterend. Het is prachtig als je die jongens écht iets kunt leren en ze ziet groeien. Je moet ze kunnen enthousiasmeren. Dan gaan ze er écht voor. Als je me twintig jaar geleden had gevraagd wat ik nu zou doen, zou ik je nooit verteld hebben dat ik voor de klas zou staan. Maar dit is de plek waar ik me thuis voel en waar ik me geplaatst weet. Vóór de klas, bij mijn jongens.”

219